Inhoud

 
 
border
border
 
externe links
 
border   border
border
border
 
gerelateerde pagina's
 
Veel gestelde vragen
Bronnen
border   border

TIPS

border   border
 

Energieprestatieregeling

 
border   border
border
border
 

Veel gestelde vragen over de energieprestatieregeling

Sinds 1 januari 2006 is de energieprestatieregelgeving van kracht. Voor de meeste gebouwen die een aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning indienen, gelden eisen voor de energieprestatie en het binnenklimaat (EPB-eisen). Hieronder een lijst met de veelgestelde vragen in verband met deze eisen.

 

 

Is er een overgangsperiode?

Ja, de overgangsmaatregelen gelden voor aanvragen van stedenbouwkundige vergunningen die worden ingediend van 1 januari tot en met 31 december.

Terug naar boven

Wat houdt de overgangsperiode in?

Voor gebouwen waarvoor een maximaal E-peil geldt, kan men kiezen tussen twee eisenpaketten:

  • Eisenpakket 1
    • maximaal K-peil (per gebouw): K45;
    • maximale U- of minimale R-waarden (scheidingsconstructies);
    • ventilatievoorzieningen: minimumeisen
  • Eisenpakket 2
    • maximale U- of minimale R-waarden (scheidingsconstructies);
    • maximaal E-peil (per wooneenheid of eenheid van bestemming): E 100;
    • ventilatievoorzieningen: minimumeisen;
    • overhitting: risico beperken (bij woongebouwen).

De regelgeving bevat dus een overgangsperiode op vlak van de geldende eisen. Ze bevat geen overgangsperiode voor de procedures, de handhaving, enzovoort.

Terug naar boven

Is de energieprestatieregeling van toepassing op niet permanent bewoonde weekendverblijven?

Ja. Het al dan niet permanent bewoond zijn van een woning is niet van belang.

Terug naar boven

Geldt de regeling voor tijdelijke gebouwen, bijvoorbeeld tijdelijke kantoren gebruikt tijdens het verbouwen van de bestaande kantoren?

Tot nu toe is er geen utizonderingsmogelikheid aanwezig voor tijdelije gebouwen (= gebouwen met een vergunning van bepaalde duur). Hierdoor moet een tijdelijk gebouw in functie van de respectievelijke bestemming aan dezelfde EPB-eisen voldoen aan het ontwerp van EPB-decreet.
De Vlaamse regering heeft echter op 5 mei 2006 haar tweede goedkeuring gehecht aan het ontwerp van EPB-decret. Hierin zullen uitzonderingen voor tijdelijke constructies opgenomen worden. De definitieve goedkeuring van het uitvoeringsbesluit mag worden verwacht in de eerste helft van 2007.

Terug naar boven

Voor de muren naar de gemeenschappelijke delen in een appartementsgebouw geldt de maximale U-waarde van 1,0 W/m ²K. Geldt die eis ook voor de deuren naar die gemeenschappelijke delen ?

Voor muren die naar de gemeenschappelijke delen leidt, geldt inderdaad een maximumwaarden maar die geldt niet voor de appartementsdeuren naar die gemeenschappelijke delen.

Terug naar boven

Aan welke eisen moeten de muren op de perceelsgrens voldoen ?

De scheidingsconstructies tussen twee beschermde volumes op aangrenzende percelen moeten in zekere mate geïsoleerd zijn en een U-waarde van maximaal 1,0 W/m2K hebben. Die waarde geldt voor:

  • Nieuwe schedingsconstructies voor elk bouwproject dat als eerste in een rij gebouwen wordt uitgevoerd of bij gelijktijdig optrekken van twee aangrenzende bouwprojecten;
  • Bestaande gemeenschappelijke scheidingsconstructies waar tegenaan wordt gebouwd. De eis van maximale U-waare geldt niet voor bestaande gemeeschappelijke scheidingsconstructies en de tegeonverliggende perceelgrens kleiner is dan zes meter. In dat geval moet de U-waarde evenmin berekend worden.

Terug naar boven

Welke eisen worden gesteld aan lichtstraten, koepels?

In de energieprestatieregelgeving wodt in de U- en R- waardentabel aan lichtstraten, koepels ... geen specifieke eisen gesteld. Ze worden bijgevolg gezien als transparante scheidingsconstructies, waarvoor de volgende eisen gelden:

  • de U-waarden van de lichtstraten en koepels in hun totaliteit worden meegerekend in de gemiddelde U)waarde van de transparante scheidingsconstructies.
  • De centrale U-waarde van de beglazing van lichtstraten en koepels mag maximum U=1,6 >/m²K bedragen.

Terug naar boven

Aan welke eisen moeten de wanden van doorlopende kokers (leidingkokers ...) voldoen bij appartementsgebouwen?

Er zijn twee types kokers te onderscheiden:

  • doorlopende kokers zonder scheidingen ter hoogte van de verdiepingsvloeren. Deze kokers worden beschouwd als gemeenschappelijke ruimten. De muren van die kokers zijn dus scheidingsconstructies tussen wooneenheden en gemeenschappelijke ruimten. Hiervoor geldt de maximale U-waarde van 1 W/m²K.
  • Doorlopende kokers met scheidingen ter hoogte van de verdiepingsvloeren. Deze kokers behoren tot het beschermde volume van de wooneenheden. Bijgevolg zijn de scheidingen ter hoogte van de vloeren en de plafonds scheidingsconstructies tussen aparte wooneenheden. Hiervoor geldt de maximale U-waarde van 1 W/m²K.

Terug naar boven

 
border   border